Bethelkerkgemeente Ede

10 november 2019 9.30

10 november 2019 9.30

Welkom

Lutherlied coupletten 1 en 2 (OTH lied 179: 1 en 2) -> Schoolpsalm

Ps. 136: 1 en 3 (Oude berijming)

Lezing 1e deel Avondmaalsformulier

Gemeente van Christus, wij luisteren naar de instellingswoorden van het heilig Avondmaal, zoals de apostel Paulus dat beschrijft. ‘In de nacht, waarin de Here Jezus werd verraden, nam Hij brood, sprak de dankzegging uit, brak het en zei: Dit is mijn lichaam voor u, doet dit tot mijn gedachtenis. Zo nam Hij ook de beker, nadat de maaltijd afgelopen was, en Hij zei: Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed, drinkt allen daaruit.’ Paulus schrijft: ‘Zo dikwijls u dit brood eet en de beker drinkt, verkondig de dood des Heren, totdat Hij komt.’

ZELFONDERZOEK EN SCHULDBELIJDENIS

Om getroost het Avondmaal te vieren, dienen wij onszelf oprecht te beproeven. Laten wij allereerst stilstaan bij onze eigen zonden, waarmee wij God en onze naaste kwetsen. Zo verootmoedigen wij ons voor het aangezicht van God. Laten wij ons ook richten op de vaste belofte van God dat ons al onze zonden worden vergeven in Jezus Christus, de gekruisigde en opgestane Heer. Ten derde onderzoeken wij onszelf of wij bereid zijn een leven van dankbaarheid te leiden: oprecht te wandelen voor Gods aangezicht, en in liefde en verbondenheid met onze naaste.

VERKONDIGING VAN GODS GENADE

Zo neemt God ons zeker in genade aan en nodigt Hij ons aan de tafel van Christus. Maar wie het getuigenis van de Geest van zonde en vergeving niet gelooft en zich niet bekeren wil, vermanen wij zich van de tafel des Heren te onthouden, omdat wij zo geen deel hebben aan het Rijk van Christus. Tegelijk wordt dit ons, broeders en zusters, niet voorgehouden om het twijfelend hart van de gelovigen mismoedig te maken, alsof niemand naar het Avondmaal mag komen dan wie zonder zonde is. Wij komen niet aan de Tafel omdat wij onszelf volmaakt en rechtvaardig achten. Integendeel, wij zoeken ons leven buiten onszelf in Jezus Christus. En al vinden wij in onszelf nog veel tekorten en zeker geen volkomen geloof, wij mogen er toch zeker van zijn, dat God ons in genade aanneemt, en ons van harte nodigt om deel te hebben aan brood en wijn.

Liedboek gezang 395: 1, 2 en 4 ‘O Heer verberg U niet voor mij’

Gebed

Schriftlezing Galaten 6: 1-10

Op Toonhoogte lied 282 ‘Jezus vol liefde’

Psalm 119: 32 en 51 (Oude berijming)

Verkondiging

Liedboek gezang 481: 1 en 2 ‘O grote God die liefde zijt’

Gebed

Psalm 84: 3 en 6 (Nieuwe berijming)

Zegen